Snel zoeken

Terug naar nieuws

De eerste woning moet een stuk soberder

11-11-2010 - Wie als starter on­langs is langsge­weest bij een hypo­theekadviseur, kan snel een telefoontje van zijn tus­senpersoon verwachten met de vraag of hij nog echt van plan is een huis te kopen, zegt hypotheek­adviseur Michel de Bruin. „Ik ben ervan overtuigd dat mijn collega’s net als ik hun dossiers even zullen doorlopen. Nu kunnen mensen misschien nog genoeg lenen om een huis te kopen, maar vanaf 1 ja­nuari wellicht niet meer."

De rekenvoorbeelden zijn ontluis­terend. Een huishouden waar twee keer twintigduizend euro bruto per jaar wordt verdiend, kan volgend jaar nog maar 145.000 eu­ro financiering krijgen bij de bank, tegen 180.000 dit jaar.

Dit is vastgesteld door het Natio­naal Instituut voor Budgetvoorlich­ting ( Nibud). Dat stelt jaarlijks ta­bellen op die worden gebruikt bij het toekennen van de Nationale Hypotheekgarantie (NHG). Ban­ken wijken daar nauwelijks van af, omdat zij financieel toezichthou­der AFM over de vloer krijgen. Ra­bobank heeft onlangs nog een boe­te gekregen, omdat de bank zich niet aan de regels had gehouden.

Karel Schiffer, directeur van het waarborgfonds dat de Nationale Hypotheekgarantie uitvoert, vreest dat appartementen en por­tiekwoningen onverkoopbaar wor­den.

Ron Bavelaar, directeur van de hy­potheekbemiddelaar De Hypo­theekshop, wil dat de overheid in­grijpt: „Het functioneren van de woningmarkt is té belangrijk voor de economie."

De laagste inkomens hebben vol­gend jaar veel minder te besteden, dus kunnen ze veel lagere hypo­theeklasten dragen, verdedigt Ni­bud- onderzoeker Jasja Bos de aan­gescherpte normen. „We gaan bij alle huishoudens uit van een mini­mumpakket aan uitgaven, en daar­boven ontstaat leencapaciteit voor een eigen huis. Die leencapaciteit daalt, nu de koopkracht afneemt."

Dat wreekt zich op de woning­markt, die al sinds 2007 inzakt, stelt onderzoeksbureau OTB van TU Delft. „ Je ziet hoe de gevolgen van de crisis zich opstapelen in veel huishoudens," zegt Schiffer van het waarborgfonds.

Ook middeninkomens zien hun leencapaciteit teruglopen, net als in 2010. Dat betekent dat de wo­ningmarkt ook op andere niveaus onder druk staat.

Bavelaar van de Hypotheekshop: „ Starters zetten treintjes op de wo­ningmarkt in beweging. Ze kopen, en de verkoper kan een duurdere woning zoeken, waardoor het ef­fect zich voortplant naar duurdere sectoren. Maar er rijden nu veel minder van die treintjes."

Dat effect is al langer zichtbaar in de statistieken, de huizenprijzen dalen over de hele lijn. Woningen staan extreem lang te koop, gemid­deld 122 dagen en ruim eenderde van de woningen zelfs langer dan een jaar. In oktober stonden 190.000 woningen te koop en dat aantal groeit momenteel met dui­zenden per maand.

De meeste deskundigen denken dat de starterswoningen veel goedkoper zullen moeten wor­den, als de starters minder hypo­theek krijgen. Jonge mensen kopen pas als ze inkomenszekerheid hebben, al­dus onderzoeksinstituut Bouw-Kennis. „ Die zekerheid komt nu dus met een veel lagere leencapa­citeit", constateert onderzoeker Jesse vanWayenburg. Op de kor­te termijn krijgen zij dus minder keus, denkt hij.

Uiteindelijk zullen starters tegen la­gere prijzen kunnen kopen, ver­wacht voorzitter Ger Hukker van makelaarsvereniging NVM. „ Star­ters worden nu de dupe. Maar de prijzen aan de onderkant zullen omlaag gaan. De vraag is wel of de doorstroming dan op gang komt."

Hukker wijst daarmee op het pro­bleem dat dalende prijzen zorgen voor restschulden bij verkopers.

Vooral als ze nu nog niet zoveel verdienen, zullen ze niet naar duurdere woningen kunnen door­schuiven.

Bron: www.brabantsdagblad.nl